• Beginnen met beleggen

Risico en rendement

Hoe krijgt u inzicht in de risico’s van een fonds?

Ze zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden: risico en rendement. Bij de keuze waarin te beleggen laten beleggers zich vaak leiden door het gerealiseerde rendement van een fonds over de afgelopen jaren. Dat is niet verwonderlijk. Het uiteindelijke doel van beleggen is het behalen van een mooi resultaat. Hoe hoger dat resultaat is, hoe beter. Maar de belangrijkste beleggingswet is dat een bovengemiddeld mooi rendement niet te bereiken is zonder het nemen van navenant hogere risico’s. Het probleem is dat rendement veel meer zichtbaar is dan risico.

Als fonds A in een jaar tijd +10% rendement heeft behaald, terwijl fonds B bleef steken op +7%, is het oordeel snel gemaakt: fonds A presteerde beter dan fonds B. Toch is dat niet per definitie het geval. Om een goed oordeel te hebben over de beide fondsresultaten is het ook nodig te weten hoeveel risico er is gelopen om de rendementen te behalen. Dat risico is niet zomaar zichtbaar, zoals dat wel voor de resultaten geldt. Om verantwoorde beleggingskeuzes te maken is inzicht in het risico waaraan de beleggingen zijn blootgesteld belangrijk. Er zijn verschillende manieren om inzicht te krijgen in het risico.

Welke beleggingscategorie?
De eenvoudigste benadering is te kijken in welke beleggingscategorie de fondsen actief zijn. Als fonds A uitsluitend belegt in aandelen genoteerd aan de Mexicaanse beurs, terwijl fonds B wereldwijd belegt, hebben we al een belangrijke indicatie over het risico. Een verzameling van aandelen die genoteerd zijn in een land dat nog volop in ontwikkeling is, herbergt meer risico dan een fonds dat belegt in aandelen die breed gespreid zijn over de hele wereld. In dit geval zal de 7% mogelijk een veel aantrekkelijker rendement zijn gezien het onderliggende risico, dan de 10% belegt in Mexicaanse aandelen.

Nog duidelijker is het verschil in risico als fonds A zou beleggen in de wereldindex van aandelen, terwijl fonds B zich geheel richt op Europese overheidsobligaties. Obligaties worden in het algemeen gezien als risicomijdend, terwijl aandelen risicodragend zijn. Het lagere rendement van 7% op obligaties is, als het risico erbij betrokken wordt, misschien wel beter dan de 10% op de aandelenindex. Door de categorie te bekijken waarin het fonds belegt, kan dus een oordeel worden gegeven over het behaalde rendement in relatie tot het risico. Maar pas op, dit is een ruwe benadering. Want obligaties bijvoorbeeld, hebben de naam risicomijdend te zijn, in de praktijk kan dat anders liggen. Langlopende obligaties bijvoorbeeld zijn heel gevoelig voor een eventuele rentestijging. Als de rente de komende tijd flink zou oplopen, zijn forse koersverliezen op deze obligaties onvermijdelijk. Langlopende obligaties kunnen daarmee heel risicovol zijn.

Hoe hoog is de beweeglijkheid?
Een andere manier om naar risico te kijken is de volatiliteit, de beweeglijkheid, van een fonds. Hoe hoger de volatiliteit, hoe hoger het risico van het fonds. Als na een jaar fonds A de 10% rendement heeft bereikt met enorme koersschommelingen zou de volatiliteit 20 kunnen zijn. Mogelijk dat fonds B het 7% rendement heeft behaald met heel weinig beweeglijkheid in de koers, bijvoorbeeld een volatiliteit van 9. Dat plaatst de behaalde rendementen in een ander daglicht. Zonder te weten in welke categorie de beide fondsen beleggen, is er zo al een duidelijke indicatie over het risico in relatie tot het rendement. De volatiliteit van een fonds is lastig te berekenen, maar op het Fundcoach-platform kunt u gemakkelijk de volatiliteit van een fonds opzoeken. Onder “Rendement en Risico” staat, naast het rendement van het fonds, de volatiliteit aangegeven. Het aardige is dat de cijfers, net als bij rendementen, over verschillende perioden worden gepresenteerd. Zo kunt u de beweeglijkheid van een fonds over de afgelopen drie maanden achterhalen, maar ook over de afgelopen vijf of zelfs tien jaar (als het fonds al zo lang bestaat). De volatiliteit is een mooie indicatie over het risico, maar bedenk wel dat het een cijfer is over prestaties uit het verleden. Dat geeft wel een duidelijke indicatie over het risico, maar er is beslist geen garantie dat die beweeglijkheid ook in de toekomst gelijk is aan die van het verleden.

Wat is de sharpe ratio?
In hetzelfde overzicht waarin rendement en volatiliteit wordt aangegeven, staat ook nog een andere risicomaatstaf: de sharpe ratio. Deze ratio is ontwikkeld door Nobelprijswinnaar William Sharpe en geeft de voor risico gecorrigeerde prestatie van een beleggingsfonds aan. Daartoe wordt het rendement van het fonds verminderd met de risicovrije rente, om zo het overrendement van het fonds te bepalen. Vervolgens wordt de volatiliteit van dit overrendement berekend. Het overrendement wordt vervolgens gedeeld door deze volatiliteit, en dat is dan de sharpe ratio. Hoe hoger deze ratio is, hoe beter het rendement is in relatie tot het risico.

AFM-risicometer
Tot slot kan de belegger ook nog gebruikmaken van de risicometer, ontwikkeld door toezichthouder AFM. De risicometer geeft van een schaal van 1 (laag) tot 7 (hoog) het risico van een beleggingsfonds aan. Het cijfer is eigenlijk niet anders dan een vertaling van de volatiliteit van het fonds.

Ik laat voor drie verschillende fondsen de verschillende risicokenmerken zien: de iShares MSCI World ETF, de Lyxor India ETF en de iShares Global Corporate Bond ETF met resultaten over één, drie jaar en vijf jaar.

Rendement Volatiliteit Sharp AFM meter
Jaar 1 3 5 1 3 5 1 3 5
iShares World 22,7% 49,9% 95,5% 11,0 20,8 17,4 2,2 0,7 0,8 5
Lyxor India 25,0% 52,3% 111,1% 12,0 47,2 42,0 2,0 0,3 0,4 6
iShares Global Cor B 7,5% 31,1% n.b.  5,5 13,5 n.b. 1,4 0,6 n.b. 3

Bron data: VWD, peildatum 4 april 2017. 

De waarde van uw belegging kan fluctueren. In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst. 

Uit de tabel blijkt dat over drie jaar een belegging in India met 52,3% het meest heeft opgeleverd. De volatiliteit was echter extreem hoog met een getal van ruim 47. Daarom is de Sharp Ratio ook slechts 0,3. Hoewel het rendement het hoogst is, is op basis van de Sharp Ratio een belegging in India niet het best geweest qua risico en rendement.
De volatiliteit van de iShares Global Corporate Bond was over de laatste twaalf maanden met 5,5 zeer laag. Weinig risico dus, ook al volgens de AFM meter (3). Maar het behaalde rendement was relatief zo laag (7,5%), dat de Sharp Ratio toch de laagste van de drie ETF’s over de afgelopen 12 maanden is (1,4).

Tot slot: bedenk dat al deze risico-indicatoren berekend worden op basis van cijfers uit het verleden. Staart u zichzelf er daarom niet blind op, en bekijk ook altijd waarin u precies belegt. Want onvoldoende kennis daaromtrent is misschien wel het grootste risico voor elke belegger.