• Voordat u begint

Het beleggingsplan

“Failing to plan is planning to fail”

Het hebben van een plan zorgt voor houvast en het Amerikaanse spreekwoord: “Failing to plan is planning to fail” klopt helaas. Het is verstandig om een beleggingsplan te hebben. En in dat plan worden een aantal vragen beantwoord.

De volgende punten horen zeker in een beleggingsplan:

 

  • Wat is uw beleggingsdoel en hoe lang hebt u de tijd?

  • Hoeveel rendement wilt u maken, maar ook: hoeveel mag u verliezen?

  • Gaat u actief of passief beleggen?

  • Volgens welke aanpak wilt u gaan werken; technische analyse, fundamentele analyse of een combinatie van beide?

  • Hoeveel tijd wilt u aan beleggen besteden?

  • Welke beleggingsinstrumenten gaat u gebruiken?

  • Hoe gaat u evalueren over hoe het gaat?


Let wel, het feit dat er een plan – hoe eenvoudig ook – wordt gemaakt, betekent dat u serieus bezig bent met uw financiën. Maar als u eigenlijk een spaarder bent die door de extreem lage rente nu naar de beurs kijkt, moet u zichzelf nogmaals de vraag stellen of u wel wilt beleggen. Succesvol beleggen vraagt namelijk een lange termijn commitment.

Een voorbeeld van een beleggingsplan

Uiteraard is iedere situatie anders maar dit voorbeeld van een beleggingsplan is er een van Jan. Jan is 42, werkt in loondienst en heeft een vrouw en twee kinderen. Hij spaart nu EUR 600 per maand en heeft een vermogen van EUR 45.000 op de bank. Zijn plan is om EUR 400 per maand te gaan beleggen en EUR 200 te blijven sparen. Na samenspraak met zijn vrouw wordt besloten om met EUR 20.000 te gaan beleggen, de rest blijft op de spaarrekening staan.

Het doel: een aanvulling op het pensioen dat na pensioendatum langzaam opgesoupeerd mag worden. Jan heeft dus 25 jaar de tijd om deze privé pensioenpot op te bouwen.

Rendement en risico
Jan heeft en goede vaste baan maar houdt niet van overmatig risico nemen. Binnen de drie profielen defensief, neutraal en offensief schaalt hij zichzelf als neutraal in. Hij heeft goed begrepen dat door spreiding het risico afneemt en dat wil hij ook grotendeels doen door vooral in wereldwijde aandelen en obligatie ETF’s te beleggen. De verdeling aandelen/obligaties is 60/40. Dan houdt hij een overzichtelijke portefeuille waar wel heel veel spreiding in zit.

Het rendement dat hij nastreeft ligt rond de 4% - 6% op jaarbasis. 
Op de vraag hoeveel hij mag verliezen is het antwoord natuurlijk eigenlijk EUR 0. Maar Jan snapt dat risico en rendement hand in hand gaan en gezien zijn realistische rendementseis hoeft hij ook niet extreem veel risico te nemen. Ook helpt zijn lange beleggingshorizon in het reduceren van het risico. Wel heeft hij zich voorgenomen om het percentage obligaties langzaam op te gaan bouwen als hij ouder wordt.

Actief of passief beleggen?
Eigenlijk spreekt passief beleggen Jan het meeste aan gezien zijn drukke baan en goedgevulde sociale agenda. Tegelijkertijd wil hij ook kunnen beleggen in een aantal specifieke bedrijven en trends. Hij besluit de verdeling 80/20 te doen. 80% zal passief belegd gaan worden en 20% actiever. 

Van de EUR 20.000 die direct beschikbaar is gaat Jan EUR 15.000 de komende de komende 5 maanden geleidelijk beleggen in goed gespreide ETF’s. Er is EUR 5.000 direct beschikbaar voor de individuele titels maar dit betekent niet dat dit direct de eerste week belegd moet zijn. Jan wil hier wel goed zijn huiswerk doen.

De EUR 400 die maandelijks beschikbaar komt zal via een periodieke order (gratis bij Binck Fundcoach) geïnvesteerd worden in obligatie- en aandelen ETF’s.

De aanpak
De voorkeur van Jan met beleggen gaat uit naar het maken van een fundamentele analyse. Voor de aandelen ETF’s betekent dit dat hij een lijstje maakt van de best presterende ETF’s in vergelijking met de benchmark (MSCI world) en daar kiest hij, naar zijn maatstaven, de beste uit. Voor het obligatiegedeelte is de aanpak vrijwel hetzelfde, maar hij neemt in zijn vergelijking een aantal wereldwijd opererende obligatie beleggingsfondsen mee. Bij de individuele titels is zijn vertrekpunt wederom fundamentele analyse. Hoe is de ontwikkeling van de omzet, de winst, de competitie en de markt om er een aantal te noemen. Verder wil Jan ook alleen beleggen in bedrijven die hij snapt. Hierbij heeft hij een lichte voorkeur voor technologie, ook omdat hij in deze branche werkzaam is en daar meer van snapt dan levensmiddelenhandel of verzekeren.

Het kijken naar de grafiek komt pas aan de orde als de keus eenmaal gemaakt is. Dus fundamenteel bepaalt Jan wat hij wil kopen, met de visuele technische analyse bepaalt hij wanneer hij wil kopen.

Tijd en instrumenten
De aanpak zoals geschetst in dit plan kost relatief weinig tijd. Oké, het vergt wat huiswerk vooraf, maar als een aantal keuzes gemaakt zijn, hoeft er weinig bijgestuurd te worden. Het grootste gedeelte van de portefeuille is passief en daar is het verstandig om periodiek (bijvoorbeeld 1 x per jaar) de verhouding tussen aandelen en obligaties in de gewenste balans te krijgen. Het actieve gedeelte van de portefeuille – de individuele titels – vragen wel meer aandacht maar gezien de lange termijn hoeft de markt niet dagelijks gevolgd te worden.  De instrumenten die gebruikt worden zijn de voor hand liggende keuzes. ETF’s, beleggingsfondsen en aandelen. Gezien zijn beperkte tijd voelt Jan er weinig voor om met hefboominstrumenten te gaan werken. Dat komt wellicht later nog weleens, als hij meer tijd (en ervaring!) heeft.

Evalueren
Als belegger wil Jan leren en hij snapt dat hij het meeste leert van zijn fouten. In zijn beleggingsplan staat dan ook dat hij eenmaal per jaar zijn acties onder de loep zal nemen. Een aantal vragen: Wat ging er goed? En waarom? Wat ging er fout? En waarom? Welke stappen moet ik zetten om dit in de toekomst te voorkomen? Heb ik er niet te veel (of te weinig) tijd aan besteed? 

Aangezien in dit beleggingsplan het grootste gedeelte van de portefeuille ‘de markt’ volgt, zal er het meest kritisch gekeken moeten worden naar het actief beheerde gedeelte. Hoe heeft dat gepresteerd ten opzichte van de markt? Zijn er daar op tijd verliezen genomen? Is er niet te veel (concentratie)risico genomen?

Kortom, evalueren is nodig om beter inzicht te krijgen in wat u precies aan het doen bent. Anders gezegd, waar verdient u mee en waarmee niet. En als dat helder is, dan wordt de oplossing ook simpel: doorgaan met datgene wat geld oplevert en stoppen met datgene wat geld kost. 

Leven lang leren

Beleggen is een bezigheid waarmee u een leven kunt vullen en aan het einde nog steeds niet alles weet. Het is dus belangrijk om tijdens dit proces de tijd te nemen voor reflectie. Uzelf af te vragen of u nog op koers ligt met datgene waarvoor u oorspronkelijk bent gaan beleggen. En hier kan een beleggingsplan uitermate goede diensten bewijzen.

Ook beleggen bij Binck?


Beleggen doe je bij BinckBank. Of je het graag zelf doet of wilt laten doen, bij BinckBank ben je aan het juiste adres.

Nu je hier toch bent...


Zoals je kan zien maken we je graag wijzer met nieuws, inspiratie en kansen.
Wil je weten wat BinckBank je nog meer te bieden heeft?