• Fiscaal

Minder vermogensbelasting in 2018!

Veranderingen in Box3-heffing uitgelegd

Hoeveel rendement u in 2018 op uw aandelenportefeuille gaat behalen weet u uiteraard nog niet, maar duidelijk is al wel dat vermogenden volgend jaar minder belasting gaat betalen.
Dat is het gevolg van de wijzigingen die het nieuwe kabinet vanaf 1 januari doorvoert1  in de onder spaarders en beleggers beroemde – en regelmatig beruchte – vermogensrendementsheffing.

Nadat reeds in 2017 afscheid werd genomen van het vaste forfaitaire tarief van 4%, wordt de heffing in Box 3 volgend jaar opnieuw aangepast en – vooral ook door de fors gedaalde rente - voor iedereen versoepeld.

In dit artikel licht ik de nieuwe vermogensrendementsheffing nader toe en help u zelf een inschatting te kunnen maken hoe de regeling in 2018 voor u ten opzichte van een jaar eerder uitpakt. 

Daarbij is geen sprake van een fiscaal advies. Daarnaast is sprake van een momentopname aangezien de wetgeving rondom de fiscale behandeling van vermogen jaarlijks kan wijzigen en tarieven worden aangepast. Daarnaast spelen uiteraard ook persoonlijke omstandigheden een rol, waarbij een wijziging van uw vermogen ervoor kan zorgen dat ook de belastingheffing hoger of lager uitpakt.

1. Achtergrond 

Sinds de invoering van het huidige belastingstelsel in 2001 kent Nederland via ‘Box 3’ een belasting op inkomsten uit sparen en beleggen, de zogenaamde ‘vermogensrendementsheffing’.

Belastingplichtigen met spaargeld en ander vermogen dat boven een vastgesteld heffingsvrij vermogen uitkwam werden tot 2017 geacht daar 4% (forfaitair) rendement over te behalen, dat tegen 30% – ofwel uiteindelijk 1,2% van het vermogen – belast werd. 

Door de in de afgelopen jaren snel gedaalde rente en toenemende protesten werd de regeling begin 2017 aangepast, waarbij meer rekening werd gehouden met de actuele rentestand. Vanaf 2017 bleef de grondslag en het tarief van 30% ongewijzigd, maar veranderde de berekening van de belasting die u jaarlijks over uw vermogen moet betalen.

Daartoe werd afscheid genomen van het vaste fictief rendement van 4% en voortaan een rendement berekend op basis van historische rendementen en de omvang van het vermogen. Daarbij wordt sinds vorig jaar gebruik gemaakt van drie schijven, waarbij er vanuit wordt gegaan dat naarmate iemand meer vermogen bezit er over de jaren ook een hoger rendement/voordeel – via beleggen in plaats van via sparen - kan worden behaald. 

Dit voordeel wordt via twee afzonderlijke en jaarlijks aan te passen rendementspercentages berekend, waarbij geldt dat hoe hoger het vermogen hoe meer wordt uitgegaan dat u uw geld deels of zelfs geheel belegt. Of u persoonlijk procentueel juist meer of minder belegt maakt dus voor de heffing niet uit. 

2. Welk vermogen is belast?

Voordat we uitleggen wat aan de regeling verandert eerst nog op een rij wat de fiscus tot uw vermogen rekent.
Daartoe behoren onder meer:
• Bank- en spaartegoeden
• Aandelen en obligaties
• Vorderingen
• Tweede woning, bijvoorbeeld een vakantiewoning
• Overige onroerende zaken, bijvoorbeeld een woning die u verhuurt
• Het niet-vrijgestelde deel van kapitaalverzekeringen
• Rechten op periodieke uitkeringen die niet in box 1 worden belast

Bij de Belastingdienst is online een volledig overzicht beschikbaar. 

Onder het vermogen in Box3 vallen o.a. niet:
• De waarde van de (eerste) eigen woning en de schuld van een bijbehorende hypotheek
• Zogenaamde groene beleggingen (tot een bedrag van ruim 57.000 euro per persoon, plus een belastingaftrek van 0,7%)
• Kunstvoorwerpen voor zover het geen beleggingen zijn.

3. Veranderingen in 2018

De belasting op sparen en beleggen wordt in 2018 op twee belangrijke punten aangepast, waar zowel huishoudens met kleine als met grote vermogens van profiteren.

Vooral Nederlanders met kleine vermogens net boven 25.000 euro zullen profiteren van de verhoging van het voor de heffing vrijgestelde bedrag van 25.000 tot 30.000 (voor partners gelden dubbele bedragen).

Maar groter is het effect van het veel zwaardere gewicht dat de recent fors gedaalde rente bij de berekening van de forfaitaire tarieven krijgt. In 2017 was reeds overgestapt op een berekening op basis van het rentepercentage over de voorgaande vijf jaar.

Het nieuwe kabinet kijkt voor de berekening slechts zo’n anderhalf jaar terug, waarmee de tot bijna nul gedaalde spaarrente veel sterker doorwerkt. Zo wordt in 2018 uitgegaan van een gemiddelde rendement van 0,3% op spaargeld, tegen nog liefst 1,63% een jaar eerder. Gezinnen met kleinere vermogens profiteren hier het sterkst van, maar ook miljonairs hebben hier – relatief weliswaar kleiner – een voordeel.

Opgeteld zorgen beide maatregelen volgens onderstaande tabel van het ministerie van Financiën in 2018 voor een duidelijke daling van de belastingdruk op vermogen.

Vermogensbelasting

Bron: Ministerie van Financiën

 

Schijf 2017 Belast vermogen per persoon (bedrag boven vrijstelling van 25.000 euro) Percentage 1,63% Percentage 5,39% Nieuw fictief rendement Effectieve heffing (30%)
1 Tot en met € 75.000

67%

33%

2,87%

0,86%

2

Van € 75.000 tot en met € 975.000

21%

79%

4,60%

1,38%

3

Vanaf € 975.000

0%

100%

5,39%

1,62%

 

Schijf 2018 Belast vermogen per persoon (bedrag boven vrijstelling van 30.000 euro) Percentage 0,36% Percentage 5,38% Nieuw fictief rendement Effectieve heffing (30%)

1

Tot en met € 70.800

67%

33%

2,02%

0,61%

2

Van € 70.800 tot en met € 978.000

21%

79%

4,33%

1,30%

3

Vanaf € 978.000

0%

100%

5,38%

1,61%

Bron: Belastingdienst

 

4. 360.000 Nederlanders hoeven niet meer te betalen

Het kabinet verwacht dat in 2018 ruim 2,84 miljoen Nederlanders belasting zullen moeten betalen in Box3. Dat zijn er als gevolg van de verhoging van de vrijstelling met 30.000 euro circa 360.000 minder dan dit jaar.

Ruim 1,8 miljoen Nederlanders die in 2018 in box 3 worden aangeslagen bezitten tot 100.000 euro, bijna 1 miljoen tussen 100.000 en 1 miljoen euro en iets meer dan 40.000 meer dan 1 miljoen euro.

5. WAT BETEKENT DIT VOOR U

De volgende voorbeeldberekeningen geven aan hoeveel u in 2018 ten opzichte van 2017 aan belasting zou moeten betalen over een vermogen van 125.000 euro, 200.000 euro en 1.250.000 euro.

De eerste 30.000 euro is vrijgesteld van belasting (voor partners geldt twee keer een vrijstelling van 30.000 euro, maar de hoogte van de belasting hangt af van het deel van het vermogen dat iedere partner aangeeft).

Rekenvoorbeeld 1: vermogen van 125.000 euro

2017:

Schijven box3 Berekening voordeel Voordeel
Schijf 1 75.000 x 67% x 1,63% 819 euro

Schijf 1

75.000 x 33% x 5,39%

1334 euro

Schijf 2

25.000 x 21% x 1,63%

85 euro

Schijf 2

25.000 x 79% x 5,39%

1065 euro

Totaal voordeel

 

3303 euro

Belasting 30%

 

991 euro

2018:

Schijven box3 Berekening voordeel Voordeel

Schijf 1

70.800 x 67% x 0,36%

171 euro

Schijf 1

70.800 x 33% x 5,38%

1257euro

Schijf 2

24.200 x 21% x 0,36%

18 euro

Schijf 2

24.200 x 79% x 5,38%

1029 euro

Totaal voordeel

 

2475 euro

Belasting 30%

 

743 euro

Rekenvoorbeeld 2: vermogen van 200.000 euro

2017

Schijven box3 Berekening voordeel Voordeel

Schijf 1

75.000 x 67% x 1,63%

819 euro

Schijf 1

75.000 x 33% x 5,39%

1334 euro

Schijf 2

100.000 x 21% x 1,63%

342 euro

Schijf 2

100.000 x 79% x 5,39%

4258 euro

Totaal voordeel

 

6753 euro

Belasting 30%

 

2026 euro

2018

Schijven box3 Berekening voordeel Voordeel

Schijf 1

70.800 x 67% x 0,36%

171 euro

Schijf 1

70.800 x 33% x 5,38%

1257 euro

Schijf 2

99.200 x 21% x 0,36%

75 euro

Schijf 2

99.200 x 79% x 5,38%

4216 euro

Totaal voordeel

 

5719 euro

Belasting 30%

 

1716 euro

 

Rekenvoorbeeld 3: vermogen van 1.250.000 euro

2017

Schijven box3 Berekening voordeel Voordeel

Schijf 1

75.000 x 67% x 1,63%

819 euro

Schijf 1

75.000 x 33% x 5,39%

1334 euro

Schijf 2

900.000 x 21% x 1,63%

3081 euro

Schijf 2

900.000 x 79% x 5,39%

38323 euro

Schijf 3

250.000 x 5,39%

13475 euro

Totaal voordeel

 

57032 euro

Belasting 30%

 

17110 euro

 

2018

Schijven box3 Berekening voordeel Voordeel

Schijf 1

70.800 x 67% x 0,36%

171 euro

Schijf 1

70.800 x 33% x 5,38%

1257 euro

Schijf 2

907.200 x 21% x 0,36%

686 euro

Schijf 2

907.200 x 79% x 5,38%

38558 euro

Schijf 3

242.000 x 5,38%

13020 euro

Totaal voordeel

 

53692 euro

Belasting 30%

 

16108 euro

Uit bovenstaande voorbeelden blijkt dat kleinere en grotere vermogens profiteren van de nieuwe schijven en tarieven.

6. Hoeveel belasting betaalt u over elke euro extra vermogen?

U kunt hier ook zelf berekenen hoeveel vermogensbelasting u in 2018 gaat betalen en wat het verschil is met dit jaar.

 

2017

Vermogen Belasting over elke euro extra vermogen
0 tot 25.000 euro vrijstelling

25.000 tot 100.000

0,86%

100.000 tot 1.000.000 euro

1,38%

Boven 1.000.000 euro

1,62%

 

2018

Vermogen Belasting over elke euro extra vermogen
0 tot 30.000 euro  vrijstelling 

30.000 tot 100.800

0,61%

100.800 tot 1.008.000 euro

1,30%

Boven 1.003.000 euro

1,61%

 

Voor partners moet de berekening twee keer worden gemaakt, met twee keer een vrijstelling en vervolgens op basis van de verdeling van het vermogen (die immers niet altijd 50-50 is) de totale belasting uitrekenen.

7. Verminderen belasting

De eerstvolgende peildatum voor uw vermogen is 1 januari 2018. Bepaalde uitgaven of andere voor uw vermogen fiscaal gunstige maatregelen die u nog in december 2017 doet worden dus niet tot uw vermogen gerekend en verlagen de belastingheffing volgend jaar nog verder.

Zoals bijvoorbeeld:
• Fiscaal extra sparen voor pensioen (belastingaftrek plus vermogen vrijgesteld in box 3).
• Groen beleggen (tot ruim 57.000 vrijgesteld in box 3 plus belastingaftrek van 0,7%).
• Investeren in huis via aflossen hypotheek (waarde eigen woning valt buiten box 3).
• Bepaalde uitgaven voor 1 januari doen (bijvoorbeeld vooruitbetalen ziektekostenverzekering of vakantie).
• Schenken aan (klein)kinderen of anderen.
• Giften

Uw geld in 2018 beleggend, sparend of op een andere manier sterker laten renderen dan de tarieven in box 3 levert per saldo uiteraard ook vooruitgang op.

8. Toekomst

Nu de tarieven in Box 3 volgend jaar nog duidelijker de fors gedaalde spaarrente reflecteren zal het protest van de afgelopen jaren wellicht verder verstommen. De nieuwe systematiek betekent echter ook dat de tarieven weer zullen oplopen op het moment dat de rente weer gaat stijgen.

Wel blijft het kabinet onderzoeken om vermogens in de toekomst (meer) te belasten op basis van daadwerkelijk behaalde rendementen, zo blijkt ook uit de volgende belofte in het recente regeerakkoord:

“In deze kabinetsperiode zal een stelsel van vermogensrendementsheffing op basis van werkelijk rendement worden uitgewerkt” (pag 35 regeerakkoord )


Vooralsnog betekenen de wijzigingen van volgend jaar goed nieuws voor Nederlanders met vermogen.

Schrik echter niet als u over een ruim jaar toch meer vermogensbelasting moet betalen. Want dan hebt u wellicht veel extra kunnen sparen of goed gescoord op de beurs…

 

Ook beleggen bij Binck?


Word klant   Log in